UDEL21 tools Erasmus+
TOOL 054   |   Kennismaking met een specifieke leerstoornis: dysgrafie
diversiteitsveld
Learning Variability
groepsgrootte
Class
overzicht

Leerlingen schrijven een korte zin met de hand waarmee ze gewoonlijk niet
schrijven. Dan stelt de leerkracht vragen en presenteert feiten over
dysgrafie en vormen van specifieke ondersteuning voor leerlingen met
dysgrafie.
Bron: https://www.understood.org/en/learning-attention- issues/child-learning-
disabilities/dysgraphia/understanding-dy

tijd
45 min
materiaal

Leerlingen de noden van medeleerlingen met dysgrafie begrijpen.
Sociale competenties, empathie.

doelen

Dysgrafie annex 1 en 2

Schrijfgerief
Bord

procedure

- als er een leerling in de klas dysgrafie heeft is het aangewezen om de specifieke noden met de reeds aanwezige aanpassingen en
ondersteuning te introduceren. (met inbegrip van evaluatie-aanpassingen die andere leerlingen soms niet zo goed begrijpen en die mogelijk
een risico op uitsluiting van de peergroep inhouden)
-de leerkracht schrijft een zin van 6 woorden (2 woorden moeten minstens 6 letters hebben) op het bord. Dan vraagt de leerkracht aan de
leerlingen om de zin in hun schrift te schrijven met een andere hand dan hun schrijfhand.
-nadien zitten de leerlingen in een krijg en nemen hun schrift mee. Ze tonen hun zin aan de anderen en geven commentaar.
-dan vraagt de leerkracht de volgende vragen (de leerkracht kan leerlingen aanduiden om te antwoorden, alle leerlingen moeten minstens
1X geantwoord hebben): Hoe voelde je je tijdens het schrijven? Wat dacht je tijdens het schrijven? Hoe voelde je hand zich, vergelijken
met de keren dat je gewoon kon schrijven? Kun je je voorstellen dat je zo een hele pagina moet schrijven zonder pauze?
- tenslotte vraagt de leerkracht een vraag aan de ganse klas terwijl de leerkracht de vragen opschrijft: als je heel de tijd op deze manier zou
moeten schrijven, wat zou je dan kunnen helpen?
-nadat alle antwoorden werden opgeschreven stelt de leerkracht de sleutelbegrippen over dysgrafie voor (zie annex 1)
-tenslotte stelt de leerkracht verschillende effectieve hulpmiddelen voor voor leerlingen met dysgrafie (zie annex 2) en de klas vergelijkt
hun antwoorden met deze annex. Leerlingen met dysgrafie kunnen reflecteren welke ondersteuning hun zou helpen.
- als huiswerk kunnen de leerlingen hun ouders vragen of ze Agatha Christie of andere bekende schrijvers kennen met dysgrafie.
+ links

aanpassingen/commentaar
succesfactoren

Deze activiteit moet gebruikt worden na andere
activiteiten die als focus hebben het begrijpen en
aanvaarden dat iedereen bepaalde aspecten van hun
identiteit delen met anderen (e.g. activiteiten gefocust op
diversiteit, meervoudige identiteiten)

valkuilen